Tegenwoordig staat op verpakkingen met grote letters welk product er binnenin te vinden is, dit om verwarring te voorkomen. Dat je niet per ongeluk de gezouten pinda’s pakt terwijl je een allergie hebt voor noten. Ieder product heeft een eigen plaats in de schappen en aan de voorkant van het schap hangt een kaartje met daarop het product dat zich daarachter verschuilt. Winkels nemen werknemers aan, uitzonderingen daar gelaten, die deze producten achter het juiste kaartje dienen te plaatsen. Soms gaat dit fout.
Zelf heb ik meer dan een jaar in een supermarkt gewerkt, ik weet als geen ander hoe heftig het soms kan zijn. Producten op de juiste plek in het schap leggen, de nieuwe verpakkingen achter de oude en ondertussen ook nog klanten de weg wijs naar een product dat pal voor hun neus staat, op oog hoogte. Het is multitasken. En ik wil ook niet de zure pruim uithangen die altijd iets te klagen heeft, de werknemers van een winkel doen ook maar slechts hun best.
Het is dus niet makkelijk om vakkenvuller te zijn. Ondanks de verpakkingen die het eenvoudiger maken kan er wel eens iets mis gaan. Ik ben de beroerdste niet en wil dan nog wel eens helpen door een product, dat per ongeluk in een verkeerd schap is beland, op haar eigen plek te leggen. Na één, twee of misschien wel drie producten vrijwillig verplaatst te hebben, voelt het alsof ik de wereld een klein stukje beter heb gemaakt. Maar er is een grens.
Heeft het nog zin om de wereld te verbeteren als er keer op keer bepaalde mensen zijn die deze proberen te verzieken? ‘Ja!’ zou ik nu graag willen schreeuwen. We laten ons toch niet kisten door een stel mafkezen die de wereld zien als een spelletje monopoly? Of mens-erger-je-niet spelen met iemand van een andere afkomst? In de Tweede Wereldoorlog -omdat elke discussie van kwaliteit hier op uitkomt- lieten de Nederlandse soldaten hun fiets toch ook niet in de schuur staan naast hun idealen? Vol moed en hun doel voor ogen, trokken ze richting de vijand. De vijand die vocht voor dezelfde initialen als waar ik, bij mijn stukje wereldverbetering, tegen vecht.
Ik vraag niet veel; cashewnoten, ongezouten en goedkoop. Al het goede komt in drieën. Het lijkt mij niet meer dan redelijk om te verwachten dat in het schap met de goedkope, ongezouten cashewnoten ook daadwerkelijk de goedkope, ongezouten cashewnoten liggen. En mocht er nou één verpakking goedkope, gezouten cashewnoten liggen, dan ben ik bereid deze te verplaatsen. Bij de tweede verpakking ruik ik al onraad en als de derde nog altijd niet de juiste is, weet ik al hoe laat het is. Tegen beter weten in leg ik deze verpakking toch bij zijn soortgenoten. Wanneer ik mijn taak als wereldburger heb uitgevoerd verwacht ik ook een zekere beloning, en mijn maag zeker. En als de wereld dan toch weer een stukje verziekt blijkt, geef ik het op. ‘Nee!’ schreeuw ik. De wereld verbeteren heeft geen zin.
Verbitterd accepteer ik mijn nederlaag en pak de dure, ongezouten cashewnoten. Zakkenvullers, ik krijg nog 57 cent van jullie!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten